Volksvermaak

woensdag 09 mei 2018 | Saint Cyr les Colons – Arcy-sur-Cure

Bij het opstaan is daar weer die blauwe lucht, maar het is wel wat minder warm. Bij de bakker slaan we proviand in voor onderweg en dan gaan we weer op pad. Zo’n tien kilometer naar Cravant, waar we een koffie met frambozentaartje willen scoren. De koffie is geen probleem: op een terrasje zitten de Nederlanders al voor te proeven. De pattiserie/boulangerie is op woensdag dicht, maar schuin er tegenover is de supermarkt die zoete broodjes verkoopt. Hilariteit alom als John en Lucas binnenstappen: wat een lengte! Zij grappen op hun beurt terug naar de kleine dames die gezellig aan de balie staan te kletsen. Wat er daarna ook binnenkomt, het is allemaal klein. Op het terras kletsen we onder het genot van koffie en zoete broodjes wat met de Nederlanders.

Het dorp uit gaat over een smal paadje steil omhoog. We lopen de rest van de dag langs de rivier de Cure. Stukken in het bos, dan weer hoog op een bergrug om vervolgens af te dalen en stukken langs weilanden en de rivier te lopen. Rond lunchtijd houden we in een weiland halt voor stokbrood en een middagdutje. De derde en laatste etappe van vandaag- we lopen ‘slechts 21 kilometer – voert afwisselend door dorpjes, langs velden en door het bos. Vlak voor Arcy-sur-Cure worden we getrakteerd op een paar pittige klimmetjes en afdalingen. Niet echt nodig, want de weg waar we op uitkomen (en vanaf kwamen) heeft nauwelijks verkeer.

Het is vier uur als we arriveren op de eindbestemming. Erg vroeg om al naar de gastvrouw te gaan, denken we. De supermarkt is woensdagmiddag dicht, maar de camping blijkt een terras te hebben. Gezelligheid alom, want een Duits (echt)paar – ook pelgrims – nemen ook plaats op het terras. En even later schuiven de Nederlandse mannen weer aan.

Rond zes uur kloppen we aan bij onze gastvrouw. Een zeer vriendelijke dame die in 2010 zelf vanaf Vezelay naar Santiago de Compostella is gelopen. In ons beste Frans weten we een aardige conversatie te voeren. 

Na een goede maaltijd trekken we ons terug op zolder. Morgen wacht Vezelay op ons.